Het Gerechtshof ’s-Hertogenbosch heeft enige tijd geleden uitspraak gedaan over de aanspraak van een legitimaris jegens de erfgenamen die al voor de (volledige) vereffening tot de verdeling van de nalatenschap waren overgegaan.

Met de grief in hoger beroep betoogt de advocaat van appellante dat de erfgenamen hoofdelijk dienen te worden veroordeeld tot betaling van haar legitieme aanspraak.

Legitieme. Verhaal legitieme op nalatenschap. Verdeling zonder volledige vereffening. Verdeling nietig?

De rechter oordeelt als volgt.

Deze bovenstaande grief wordt verworpen.

Ingevolge artikel 6:6 BW is van hoofdelijkheid sprake wanneer dit uit wet, gewoonte of rechtshandeling voortvloeit.

Door appellante is niet aannemelijk gemaakt dat in dit geval in wet, gewoonte of rechtshandeling een grond is te vinden voor de door haar gestelde hoofdelijke aansprakelijkheid van de erfgenamen.

Haar betoog komt er op neer dat de verdeling van de nalatenschap voordat deze was vereffend ertoe leidt dat het voor haar moeilijker is geworden verhaal te vinden voor haar legitieme aanspraken, nu geïntimeerde in het buitenland woont en de andere geïntimeerde op een uitkering is aangewezen.

Ook indien dit juist is, brengt dit niet mee dat de erfgenamen hoofdelijk aansprakelijk zijn. Ook hetgeen appellante hierover verder heeft aangevoerd, biedt daarvoor geen grondslag. Deze grief wordt verworpen.

Volgens de advocaat van appellante had de nalatenschap eerst vereffend moeten worden voordat tot verdeling ervan werd overgegaan.

Dat is op zich juist, maar het feit dat in dit geval niet in overeenstemming met deze voorgeschreven volgorde is gehandeld heeft niet het gevolg dat appellante eraan wil verbinden, namelijk de nietigheid van de verdeling en de verplichting om de verdeelde inboedel alsnog in te brengen en te gelde te maken, aangezien voor een dergelijk gevolg geen wettelijke grond is aan te wijzen.

Appellante verwijt de erfgenamen dat zij door haar de informatie onthouden waar zij als legitimaris recht op heeft en onnodig lang de afwikkeling van de nalatenschap te traineren haar legitieme aanspraak in feite illusoir hebben gemaakt.

Ook indien dit verwijt terecht is, biedt dat geen voldoende grondslag voor de vorderingen zoals deze thans in hoger beroep voorliggen.

Dit betekent dat ook deze grief in het principaal hoger beroep niet kan slagen.

Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.

Heeft u een vraag aan onze advocaat legitieme over de vereffening of verdeling van een erfenis, over de uitleg van een testament of over de nietigheid van een testament, over de taken en bevoegdheden van de executeur, over het kindsdeel of over de legitieme, of over het berekenen van de legitieme, belt u dan gerust onze advocaat legitieme op 020-3980150.

Wilt u meer weten over de berekening van de legitieme, bezoek dan onze website over de legitieme. Klik dan hier.