Aan de orde is een hoger beroep over de omvang van de legitieme portie. Onze advocaat legitieme portie stelt vast dat een ter zitting gesloten vaststellingsovereenkomst leidend is, ook wanneer delen daarvan niet zijn uitgevoerd.

Geïntimeerden hebben aanspraak gemaakt op hun legitieme portie. In eerste aanleg hebben partijen ten overstaan van de rechtbank op 13 november 2015 een vaststellingsovereenkomst gesloten. Daarbij zijn , onder meer en voor zover hier van belang, de legitieme porties van ieder van geïntimeerden vastgesteld op € 58.000,-.  Partijen zijn verdeeld over de vraag of appellanten de hoogte van de legitieme porties nog ter discussie kunnen stellen.

Appellanten stellen dat het niet invullen van de afspraken, hetgeen volgens appellanten het geval is, tot gevolg heeft dat het geschil weer in de volle omvang open komt te liggen. Dit betekent, aldus appellanten, dat ook de hoogte van de legitieme porties wederom ter beoordeling voorligt. Uit de vaststelling zelf blijkt geen expliciet akkoord over de bepaalde legitieme portie. De vaststelling heeft een vrijblijvend karakter, aldus appellanten.

Geïntimeerden bestrijden deze stellingname van appellanten. De rechtbank heeft niet beslist, maar partijen hebben een vaststellingsovereenkomst gesloten over de hoogte van de legitieme portie. Deze is onaantastbaar en daartegen kan geen grief worden gericht. Partijen hebben ter zitting een debat gevoerd over de hoogte van de legitieme portie en vervolgens hebben zij een afspraak gemaakt over de hoogte daarvan. De hoogte van de legitieme portie is expliciet opgenomen, alsmede dat daarmee het voorgeschoten successierecht is verrekend en dat daarop de legaten in mindering worden gebracht. Er is een afspraak gemaakt over wat appellanten in een eventuele volgende comparitie nog aan stukken in het geding mochten brengen, te weten de factuur van de notaris en een afschrift van het ondertekende samenlevingscontract om het beroep op het overgangsrecht te onderbouwen met betrekking tot de opeisbaarheid van de legitieme.

Het hof stelt voorop dat voor het antwoord op de vraag hoe in een schriftelijke overeenkomst de verhouding tussen partijen is geregeld, het aankomt op de zin die partijen in de gegeven omstandigheden over en weer redelijkerwijs aan de bepalingen mochten toekennen en op hetgeen zij te dien aanzien redelijkerwijs van elkaar mochten verwachten, waarbij van belang kan zijn tot welke maatschappelijk kringen partijen behoren en welke rechtskennis van zodanige partijen kan worden verwacht (HR 13 maart 1981, NJ 1981, 635, Haviltex). Daarbij zijn telkens van beslissende betekenis alle concrete omstandigheden van het geval, gewaardeerd naar hetgeen de maatstaven van redelijkheid en billijkheid meebrengen. In praktisch opzicht is de taalkundige betekenis van bewoordingen, alhoewel niet beslissend, bij de uitleg van dat geschrift echter vaak wel van groot belang. Het hof merkt daarbij op dat deze overeenkomst tot stand is gekomen tussen gelijkwaardige partijen, in die zin dat beide partijen bij de totstandkoming van de overeenkomst ten overstaan van de comparitierechter de begeleiding hadden van hun advocaten. Dit is een reden om aan de taalkundige betekenis van de gekozen bewoordingen groot gewicht toe te kennen. Dat neemt niet weg dat de overige omstandigheden van het geval kunnen meebrengen dat een andere dan de taalkundige betekenis aan de bepalingen van de overeenkomst moet worden gehecht.

Het hof is van oordeel dat uit de vaststellingsovereenkomst blijkt dat indien de afspraken niet zouden worden nagekomen, alleen nog de opeisbaarheid van de bedragen ter beoordeling zou voorliggen. In de ter comparitie gesloten overeenkomst wordt onder 10 de comparitie enkel aangehouden indien de “bedoelde afspraken niet binnen de afgesproken termijn worden nagekomen”. Het nakomen van de afspraken ziet uitsluitend op de termijnen van betaling van de legitieme porties en van de levering van de legaten. De hoogte van de vorderingen van de legitimarissen , die in de overeenkomst zijn vastgelegd, valt niet onder het nakomen van de afspraken.

Het Hof wijst de grieven over de hoogte van de legitieme porties af.

Hebt u een vraag over de hoogte van de legitieme portie of over de afspraken die daarover zijn gemaakt? Belt u gerust onze advocaat legitieme portie.

Lees hier de hele uitspraak van het Gerechtshof Den haag d.d. 12 september 2017.