De Rechtbank Midden-Nederland heeft enige tijd geleden uitspraak gedaan over de verplichting van de executeur om aan de legitimaris niet-erfgenaam alle informatie te verstrekken die voor de berekening van de legitieme noodzakelijk zijn.

De erfgenaam heeft gedaagde gedagvaard zowel in hoedanigheid van executeur als in hoedanigheid van erfgenaam.

De erfgenaam zal in haar vordering tegen de executeur in zijn hoedanigheid van erfgenaam niet-ontvankelijk worden verklaard, omdat uitsluitend de executeur de erfgenamen in rechte vertegenwoordigd op grond van artikel 4:145 lid 2 van het Burgerlijk Wetboek (BW).

Uit de bepaling in het testament, blijkt dat de echtgenote van de erflater de opvolgend executeur is. De rechter gaat ervan uit dat zij ook heeft bedoeld de procedure in die hoedanigheid voort te zetten.

Is de executeur verplicht informatie te verstrekken aan de legitimaris niet-erfgenaam? Giften.

De rechter oordeelt als volgt.

De legitimaris stelt dat ze recht heeft op de door haar verlangde stukken om de omvang van haar legitieme vordering vast te stellen.

De legitimaris bestrijdt de juistheid van het door de executeur verstrekte overzicht. Volgens de legitimaris heeft de executeur haar onjuist en onvolledig geïnformeerd.

Dit blijkt bijvoorbeeld uit de twee verschillende successieaangiften die de legitimaris heeft ontvangen waarop van elkaar verschillende te verdelen saldi staan vermeld.

Voorts ontbreekt een volledige boedelbeschrijving.

Omdat de executeur niet aan zijn verplichting heeft voldaan om haar te informeren, verzoekt de legitimaris hieraan de gevolgen te verbinden die de rechter geraden acht, in die zin dat de rechter de door de advocaat van de legitimaris berekende legitieme portie van € 124.499,16 zal toewijzen.

De advocaat is op dit bedrag uitgekomen op grond van de door haar gereconstrueerde financiële gegevens.

De executeur heeft aangevoerd dat de dagvaarding nietig verklaard dient te worden omdat de stellingen van de legitimaris niet onderbouwd zijn en de legitimaris niet inzichtelijk heeft gemaakt waarop zij de berekening van de door haar gevorderde bedragen baseert.

De rechter overweegt dat nietigheid van de dagvaarding niet aan de orde is. Zowel voor de executeur als voor de rechter is het duidelijk welke vorderingen de legitimaris heeft ingediend, ongeacht of zij deze voldoende heeft onderbouwd of niet. Daarbij neemt de rechtbank in aanmerking dat de executeur inhoudelijk verweer heeft kunnen voeren.

Voor zover de legitimaris in de huidige procedure verstrekking van bepaalde inlichtingen of stukken vordert waarover al is beslist door de kantonrechter, zal de rechter evenals de voorzieningenrechter destijds, niet in de beoordeling daarvan treden.

De rechter zal ten aanzien van deze inlichtingen of stukken alleen beoordelen of de gevorderde dwangsom kan worden toegewezen. Daarvoor is relevant of de executeur deze stukken inmiddels heeft verstrekt.

Ten aanzien van de overige inlichtingen of stukken waarop de legitimaris aanspraak maakt, geldt het volgende.

Op grond van artikel 4:78 BW kan een legitimaris die niet erfgenaam is, tegenover de erfgenamen en met beheer der nalatenschap belaste executeurs aanspraak maken op inzage en een afschrift van alle bescheiden die hij voor de berekening van zijn legitieme portie behoeft.

Vanwege de eerder genoemde privatieve bevoegdheid van de executeur, gaat de rechtbank ervan uit dat de legitimaris in dit verband alleen de executeur kan aanspreken.

Voor de vaststelling van de legitieme is ook van belang welke giften de legitimaris van erflater heeft ontvangen. Deze komen op grond van artikel 4:70 lid 1 BW in mindering op zijn legitieme portie.

De rechter stelt vast dat de kantonrechter al heeft geoordeeld over de nu door de legitimaris onder gevorderde volledige en definitieve aangifte erfbelasting.

Dit is door de voorzieningenrechter onder oplegging van een dwangsom herhaald.

De executeur heeft zich tegen de vordering verweerd met de stelling dat hij deze aangifte al heeft overgelegd, nog vóór de procedure voor de voorzieningenrechter.

Zoals hiervoor is weergegeven stelt de legitimaris zich op het standpunt dat zij twee verschillende aangiftes heeft ontvangen en dat dit vragen oproept.

Wat daar verder ook van zij, ter zitting is tussen partijen overeengekomen dat de executeur aan de legitimaris de volledige definitieve aangifte voor successie zal verstrekken.

De kantonrechter heeft de executeur ook veroordeeld tot het verstrekken van informatie over giften als bedoeld in artikel 4:67 BW en, indien verricht, afschriften van bankafschriften waaruit die giften blijken.

Voor de volledigheid stelt de rechter voorop dat in artikel 4:67 BW is bepaald dat voor de bepaling van de legitieme vordering de volgende door erflater gedane giften in aanmerking worden genomen

a) giften die kennelijk gedaan en aanvaard zijn met het vooruitzicht dat daardoor legitimarissen worden benadeeld

b) giften die de erflater gedurende zijn leven te allen tijde had kunnen herroepen of die hij bij de gift voor inkorting vatbaar heeft verklaard

c) giften van een voordeel, bestemd om pas na zijn overlijden ten volle te worden genoten

d) giften door de erflater aan een afstammeling gedaan, mits deze of een afstammeling van hem legitimaris van de erflater is

e) andere giften, voor zover de prestatie binnen vijf jaar voor zijn overlijden is geschied.

In beginsel geldt dat de legitimaris recht heeft op een overzicht van alle giften van de erflater.

Als deze allemaal in kaart zijn gebracht, kan vervolgens bezien worden of deze vallen onder het bereik van artikel 4:67 BW en van belang zijn voor de vaststelling van de legitieme portie.

In de onderhavige procedure vordert de legitimaris verstrekking van stukken waarmee de schenkingen aan de executeur, diens vrouw en kinderen onomstotelijk kunnen worden vastgesteld.

Voor de giften van erflaatster aan de erfgenaam geldt bij voorbaat dat deze vallen onder artikel 4:67 BW onder d, zodat deze stukken zijn begrepen in de veroordeling van de kantonrechter.

De rechter stelt vast dat de executeur een overzicht van de aan hem geschonken bedragen heeft ingediend en de daarmee corresponderende bankafschriften, zodat de legitimaris geen belang meer heeft bij haar vordering tot informatie over de schenkingen aan de erfgenaam.

Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.

Heeft u een vraag aan onze advocaat legitieme over de vereffening of verdeling van een erfenis, over de uitleg van een testament of over de nietigheid van een testament, over de taken en bevoegdheden van de executeur, over het kindsdeel of over de legitieme, of over het berekenen van de legitieme, belt u dan gerust onze advocaat legitieme op 020-3980150.

Wilt u meer weten over de berekening van de legitieme, bezoek dan onze website over de legitieme. Klik dan hier.