De Rechtbank Limburg heeft op 9 december 2020 uitspraak gedaan over de nakoming van een vonnis inzake de informatieplicht met betrekking tot de legitieme.

De rechtbank heeft bij vonnis van 24 juni 2020 gedaagde op de voet van artikel 22 Rv bevolen bij akte de bankafschriften van de laatste vijf jaar voor het overlijden van erflaatster en de overige ontbrekende stukken die nodig zijn om de legitimaire massa te berekenen, over te leggen.

Ook is gedaagde in dit tussenvonnis opgedragen om bij diezelfde akte onderbouwd een berekening te maken van de legitimaire massa en de legitieme portie van eiser en in die akte toe te lichten hoe deze berekend zijn.

Gedaagde heeft geen gevolg gegeven aan het vonnis van 24 juni 2020.

Daarbij komt dat hij al op 28 februari 2019 gesommeerd is om de benodigde informatie te verstrekken.

Het is duidelijk volgens eiser dat gedaagde niet bereid is de benodigde stukken te verstrekken.

Legitieme. Informatieverplichting. Waarheidsplicht. Prikkel tot nakoming van een vonnis. Opleggen van een dwangsom.

De rechter oordeelt als volgt.

Nu gedaagde niet voldaan heeft aan het bevel van de rechtbank op de voet van artikel 22 Rv is een prikkel tot nakoming noodzakelijk.

In de conclusie van antwoord schrijft gedaagde : “Ten behoeve van de bepaling van de omvang van de legitieme massa, brengt gedaagde de navolgende producties in het geding met daarbij de vermelding dat gedaagde zo spoedig als mogelijk alle stukken zal inbrengen die nodig zijn voor de bepaling van de legitimaire massa.”

De rechtbank leidt daaruit af dat gedaagde weet welke stukken hij nog moet verstrekken naast de bankafschriften van de laatste vijf jaar om de legitimaire massa te kunnen berekenen en dat hij over die stukken de beschikking heeft of kan krijgen.

De rechtbank zal gedaagde dan ook veroordelen tot afgifte van de bankafschriften van de laatste vijf jaar voor het overlijden van erflaatster en de overige ontbrekende stukken die nodig zijn om de legitimaire massa te berekenen op straffe van de gevorderde dwangsom.

De rechtbank zal de zaak voor de overige beslispunten in afwachting van de stukken die nodig zijn om de legitimaire massa te kunnen berekenen naar de parkeerrol verwijzen.

Op verzoek van de meest gerede partij kan de zaak weer op de continuatierol worden geplaatst, waarna gedaagde, zoals opgedragen in het vonnis van 24 juni 2020, bij akte een onderbouwde berekening dient te maken van de legitimaire massa en de legitieme portie van eiser.

Tevens dient in deze akte te worden toegelicht hoe deze berekend zijn.

Vervolgens zal de rechtbank eiser de mogelijkheid geven zich bij antwoordakte uit te laten over de verstrekte stukken en over de door gedaagde gemaakte berekeningen van de legitimaire massa en de legitieme portie.

Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.

Heeft u een vraag aan onze advocaat legitieme over de vereffening of verdeling van een erfenis, over de uitleg van een testament of over de nietigheid van een testament, over de taken en bevoegdheden van de executeur, over het kindsdeel of over de legitieme, of over het berekenen van de legitieme, belt u dan gerust onze advocaat legitieme op 020-3980150.

Wilt u meer weten over de berekening van de legitieme, bezoek dan onze website over de legitieme. Klik dan hier.