Het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft op 25 augustus 2020 uitspraak gedaan over de legitieme portie en de inkorting van een legaat.

Verzoekster vind dat verweerder aan verzoekster € 50.145 moet betalen, omdat zij vanwege het legaat dat haar vader aan verweerder heeft gemaakt minder dan haar legitieme portie heeft gekregen.

Het hof gaat voor de berekening van de legitieme portie van verzoekster uit van de gegevens in de aangifte voor de erfbelasting in de nalatenschap van de vader van verzoekster.

De legitieme portie en de inkorting van een legaat. Bewijs.

De rechter oordeelt als volgt.

De legitieme portie van verzoekster is ½ (A + G – P).

A is de waarde van de goederen (activa) van de nalatenschap op de sterfdatum, G zijn giften van de vader van verzoekster die mogen meedoen en P zijn de schulden (passiva) die mogen meedoen (artikel 4:64-4:65 BW).

Volgens de aangifte voor de erfbelasting is A = € 426.706, G = 0 en P = € 144.996.

De legitieme portie is dan ½ (€ 426.706 + 0 – € 144.996) = € 140.855.

Bij uitvoering van het testament krijgt verzoekster alle activa en alle passiva met uitzondering van de woning die aan verweerder is gelegateerd en die een waarde heeft van € 191.000.

Haar verkrijging is dan (€ 426.706 – € 191.000) – € 144.996 = € 90.710.

Zij heeft aanspraak gemaakt op haar legitieme portie.

Omdat zij recht heeft op een legitieme portie van € 140.855 en maar € 90.710 krijgt komt zij € 50.145 tekort.

Dat bedrag heeft zij ingekort op het legaat aan verweerder (artikel 4:87 lid 2 BW).

Het legaat van de woning is volledig aan verweerder voldaan, zodat hij het bedrag van de inkorting in geld aan verweerder moet betalen (artikel 4:120 lid 1 BW).

Dat is als gezegd een bedrag van € 50.145.

De verkrijging voor de berekening van de erfbelasting is dan voor verweerder € 191.000 – € 50.145 = € 140.855.

De verkrijging voor de berekening van de erfbelasting is dan voor verzoekster € 90.710 + € 50.145 = € 140.855.

Verweerder stelt nog wel dat verzoekster, voor zover hem bekend, haar legitieme portie al heeft gehad.

Zij zou een bedrag van € 70.000 hebben opgenomen van een gezamenlijke rekening van verweerder en verzoekster.

Hij verwijst naar overboekingen die zijn vermeld in bankafschriften waarvan hij kopieën heeft overgelegd.

Het hof leest in die bankafschriften het volgende.

Op 28 maart 2011 is van de spaarrekening van verweerder bij de Deutsche Bank € 70.000 overgeboekt op een andere rekening bij de bank op naam van verweerder en G.

De omschrijving bij die overboeking luidt: “Umbuchung w. Überweisung ins Ausland”.

Daarna is op 30 maart 2011 van die rekening bij de Deutsche Bank een bedrag van € 70.106,55 afgeboekt waarvan € 70.000 is overgemaakt op een rekening bij de Akbank in Turkije op naam van verweerder en verzoekster.

Op het afschrift van de Akbank staat bij die overboeking: “ZAHLUNGSGRUND: HUIS KOPEN”.

De advocaat van verweerder heeft op de comparitie bij de rechtbank verklaard dat verzoekster dit bedrag van € 70.000 heeft opgenomen en zo haar legitieme portie heeft gehad.

Verzoekster zegt dat dat niet zo is.

Het hof vindt dat verweerder niet duidelijk toelicht dat deze overboekingen iets te maken hebben met de betaling aan verzoekster van haar legitieme portie.

In de omschrijving van de overboekingen is dat niet vermeld.

Verweerder maakt ook niet duidelijk dat er eind maart 2011, zo kort na het overlijden van de adoptief-vader van verzoekster op 8 februari 2011, al zicht was op de hoogte van de legitieme portie en het bedrag dat verweerder aan verzoekster moest bijbetalen in verband met het legaat.

Het legaat zelf is pas op 10 april 2013 afgegeven.

Daarnaast zegt verzoekster dat zij dat bedrag niet heeft opgenomen.

Het hof gaat dan ook voorbij aan de niet goed genoeg onderbouwde stelling van verweerder dat verzoekster door opname van € 70.000 van de rekening bij de Akbank haar legitieme al heeft gehad.

De slotsom is dat het hof het eens is met verzoekster.

Verweerder moet aan verzoekster nog € 50.145 betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de dag van dagvaarding bij de rechtbank.

Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.

Heeft u een vraag aan onze advocaat legitieme over de vereffening of verdeling van een erfenis, over de uitleg van een testament of over de nietigheid van een testament, over de taken en bevoegdheden van de executeur, over het kindsdeel of over de legitieme, over het berekenen van de legitieme, of over inkorting, belt u dan gerust onze advocaat legitieme op 020-3980150.

Wilt u meer weten over de berekening van de legitieme, bezoek dan onze website over de legitieme. Klik dan hier.