De Rechtbank Den Haag heeft onlangs uitspraak gedaan over de waardebepaling van een woning ter berekening van de hoogte van de legitieme.

Deze zaak gaat over de afwikkeling van de nalatenschap van de moeder van A en B.

Er zijn veel geschilpunten, waar de rechtbank in dit vonnis op zal beslissen.

Dit biedt handvatten voor de afwikkelingsbewindvoerder om de nalatenschap vervolgens zelf te verdelen en af te wikkelen, conform het testament van moeder.

Daartoe is de afwikkelingsbewindvoerder immers zelfstandig bevoegd, zonder medewerking van de erfgenamen.

A stelt zich op het standpunt dat als zij de woning toegedeeld krijgt op basis van de waarde in het economisch verkeer, op grond van de redelijkheid en billijkheid moet worden uitgegaan van de waarde in voormeld taxatierapport.

Volgens de afwikkelingsbewindvoerder is de waarde van de woning nu ongeveer € 1.000.000,00, nu een projectontwikkelaar de woning voor een dergelijk bedrag wenst te kopen.

B wijst er op dat er een bod op de woning is gedaan van € 1.200.000,00.

Erfrecht. Legitieme. Berekening van de hoogte van de legitieme. Waardebepaling van een woning. Peildatum voor waardering. Bod op woning. Redelijkheid en billijkheid.

De rechter oordeelt als volgt.

De rechtbank stelt voorop dat bij bepaling van de waarde van tot de nalatenschap behorende goederen in beginsel als peildatum de datum van verdeling moet worden aangehouden, dat is dus de huidige waarde van de woning.

De deelgenoten kunnen andere afspraken maken en de tussen hen geldende eisen van redelijkheid en billijkheid kunnen meebrengen dat van een andere peildatum wordt uitgegaan.

Vast staat dat partijen geen afspraken met elkaar hebben gemaakt over de verdeling van de woning of over de waarde van de woning.

In de omstandigheid dat er veel tijd is verstreken sinds het overlijden van erflaatster ziet de rechtbank aanleiding om niet van een eerdere peildatum uit te gaan dan de datum van verdeling.

De rechtbank gaat voorbij aan het standpunt van A dat op grond van de redelijkheid en billijkheid van de taxatiewaarde per 21 maart 2019 moet worden uitgegaan, omdat zij hier verder geen handen en voeten aan heeft gegeven.

In het kader van de verdeling moet de woning worden getaxeerd door een door de afwikkelingsbewindvoerder aan te wijzen taxateur, waarbij de huidige waarde in het economisch verkeer moet worden bepaald.

Voor wat betreft het vaststellen van de hoogte van de legitieme portie moet worden uitgegaan van de waarde van de woning ten tijde van het overlijden van erflaatster.

A heeft tijdens de mondelinge behandeling verklaard dat zij akkoord is met het taxatierapport.

Dit brengt mee dat voor de berekening van de legitieme portie een waarde van € 605.000,00 moet worden gehanteerd.

Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.

Heeft u een vraag aan onze advocaat legitieme over de vereffening of verdeling van een erfenis, over de uitleg van een testament of over de nietigheid van een testament, over de taken en bevoegdheden van de executeur, over het kindsdeel of over de legitieme, of over het berekenen van de legitieme, belt u dan gerust onze advocaat legitieme op 020-3980150.

Wilt u meer weten over de berekening van de legitieme, bezoek dan onze website over de legitieme. Klik dan hier.

Wilt u meer weten over het erfrecht, bezoek dan onze website van ons advocatenkantoor. Klik dan hier.